BBK/Door Vriendschap Sterker
Hét communicatie- en mediabureau voor maatschappelijke merken en trends

Ons adres:

Posthoornkerk
Haarlemmerstraat 124 A
1013 EX Amsterdam
Postbus 14551
1001 LB Amsterdam
Telefoon: 020 305 94 44
Fax: 020 305 94 22

Mail BBK

 
De openingszinnen van hun enorme hit 'Do the Strand' uit 1972 lijken wel - met de kennis van nu - een autobiografische schets van Roxy Music. Hoe anders kun je nu 'There's a new sensation, a fabulous creation, a danceable solution, to teenage revolution' duiden? 

Roxy Music was een sensatie begin jaren '70. De muziek, de stijl, de styling, de wonderbaarlijke Eno, en de als gastheer én ober geklede frontman en oprichter Brian Ferry waren uniek en sloegen bij critici en publiek in als de bekende bom., zo bewijst vanavond ook de documentaire 'More Than This' op Canvas.

Hun eerste albums ('Roxy Music', 'For Your Pleasure' en 'Stranded') staan nog steeds als mijlpalen in de moderne muziekgeschiedenis, muzikaal en visueel smashing, en de muzikale vorm en stijl van Ferry en zijn band hebben zo'n vier decennia later de tand des tijds glans- en glimmerrijk doorstaan.

Net als Bowie met zijn Ziggy Stardust, was Brian Ferry's Roxy Music begin jaren '70 een meer dan geslaagde poging om de muziek veel groter dan zichzelf te maken door styling, presentatie en het inslaan van paden die tot dan nauwelijks betreden waren. 

Misschien was Roxy Music wel new wave voordat new wave er was, en in hun extravagantie waren ze vast en zeker voorlopers van de punk die een aantal jaren na het daverende startsalvo van Roxy Music Engeland op zijn kop zette. 

Roxy Music was geen eendagsvlieg, vooral door het vermogen om nieuwe muzikale wegen in te slaan. Het arty-imago werd ingeruild voor een meer sophiticted, gladder en dansbaarder stijl die ook enorm succesvol bleek. Wat bij andere groepen als verraad zou zijn aangemerkt, werd bij Ferry en Roxy Music als tamelijk natuurlijk geaccepteerd. Het bracht de band als vanzelf en verdiend in volgende tempi. 

 
 
 
De erfenis van Pim Fortuyn is 'all over the place'. Heel weldenkend, doorgeleerd, verklarend en piskijkend Nederland laat dezer dagen zijn opinies op ons los over hoe we het fenomeen Fortuyn moeten duiden en welke invloed hij tien jaar na zijn gewelddadige dood nog heeft.

De Volkskrant haalt flink uit vandaag. Een speciale Pimbijlage van maar liefst 12 pagina's met ook een reprint van het geruchtmakende interview met de 'Goddelijke kale' van 9 februari 2002 dat een breuk zou betekenen met Leefbaar Nederland en de start van de LPF, Lijst Pim Fortuyn. 

Wie weet wat 'the nutty professor' politiek had kunnen bereiken. Het is en blijft koffiedik. Het CDA wilde in ieder geval graag met hem, buitengesloten als ze waren in het Paarse tijdperk. De Groene Amsterdammer heeft het deze week op de omslag over 'De Puinhopen van Pim', als moddervette knipoog-tegenhanger van 'De puinhopen van Paars' waar Pim zo graag op hakte en waar hij liet zien dat Nederland niet 'af' was maar een verwende puinhoop.

Fortuyn zou de 'gewone man' een stem hebben gegeven met Henk en Ingrid als logisch resultaat. De achterkamertjes waar die gevestigde politici elkaar de bal en de baantjes toeschoven, werden door Pim verdachte afwerkplekken voor ranzige macht, en velen knikten het hem na: 'goed dat dat soort dingen eens wordt gezegd.' Wat u zegt.

Morgen is het exact tien jaar geleden dat Pim Fortuyn in Hilversum werd vermoord. Niet voor niets kwam deze week de discussie over mogelijke vervroegde vrijlating van dader Volkert van der G. naar boven. En moest de eeuwige publicitaire geilneef Hans Wiegel ons kond doen van het 'feit' dat Pim hem graag als premier had gewild. Die kogel kwam van rechts. 

Die Goddelijke kale. Ik heb het niet verzonnen. Theo van Gogh wel. Hij maakte de spannende film '06/05' over een complot dat Fortuyn zou hebben vermoord, met Volkert van der G. als onze 'eigen' Lee Harvey Oswald. Tweeeneenhalf jaar later was Van Gogh zelf dood. Ook vermoord. Nederland was zijn onschuld definitief kwijt. En het deksel was van de pan. Hoe het daarna ruikt, is een kwestie van smaak. 

 
 
 
De ober bij Früh in de Heinzelmännchen in Keulen, vlak om de hoek van de Dom, had er heel veel zin in. 'We spelen twee keer tegen elkaar op het EK. De eerste keer winnen jullie, en de tweede keer winnen wij.' Zo, die zat. Vroeger zou ik me hebben opgewonden over zo'n arrogante Duitser. Nu ging die haatknop niet (meer) aan.

Het was fijn om enkele dagen in Duitsland te zijn. In Keulen, in Koblenz, en in het prettige pretpark Phantasialand waar de dochters twee dagen enorm hebben genoten. En aangezien je in Duitsland nog veel harder mag dan van Rutte c.s., waren we vandaag ruim op tijd terug in Amsterdam om deze 4e mei te herdenken.

De ober bij Früh ging binnenkort vier dagen naar Scheveningen, die plaats die ze niet uit kunnen spreken. Niet om zoals zijn vader of oom de Atlantik Wall te beschermen, maar om lekker te genieten van zee, strand, haring en Haagse hopjes. En ook dat vonden we heel gewoon dat deze weerbare Duitser neer zou strijken aan onze Noordzeekust. Veel is genormaliseerd. Behalve het voetbal.

Gisteravond op de hotelkamer ging het voetbalalarmknopje alsnog aan toen ik Bayern-neo-ster Thomas Müller samen met Gerd 'Der Bomber' Müller in een Tv-spotje zag waarvan ik niet meer weet waar het over ging. Blinde vlek. Die Müller. Zijn twee goals bezorgden ons het trauma dat ons sinds 1974 achtervolgt.

Vandaag weer terug, en ook op tijd om te vernemen dat Henk Bleker zich - uiteraard, want hij had beloofd het niet te doen - kandidaat stelt als CDA-lijsttrekker. Die Bleker van die polder, van die jonge vriendin, en van dat briefje aan Mauro. En, opdat wij niet vergeten: Henkie Bleker was ook één van de architecten van het doodgelopen gedoogverhaal met de PVV.

Dus hoe gaat dat straks? Net als met Buma. De hanen zullen collectief en langdurig kraaien want ook Henkie Bleker zal draaien als een ballerina om zich af te keren van de gedoogformule met Geert c.s. Er is immers een nieuw CDA. Een CDA dat zichzelf opnieuw heeft uitgevonden met maar één doel: behoud van macht. Wat zou het bevrijdend werken als bij het CDA het licht eindelijk zou doven. Onze grootste vrijheid is de stembus.

 
 
We klagen veel en vaak, maar dit is Noord-Korea niet. De heilstaat van de mannen van Kim Jong wordt wel 'een gevangenis voor 25 miljoen mensen' genoemd, een kruising van 'Animal Farm' en '1984', een land waar iedereen gelijk is maar sommigen net iets gelijker, en waarin iedereen in de gaten wordt gehouden en de geesten drie maal daags grondig gespoeld.

Toch komen er barstjes en spleetjes in de heilstaat, er is enige ontsluiting, en dat zal ook wel zorgvuldig worden geregisseerd. Zo zag ik een tijdje geleden Floortje Dessing per trein Noord-Korea binnenglijden, en ze werd er bijna opgewonden van. Haar reportage - hoe gescreend en gestuurd ook - gaf een wat vrolijker en vrijer beeld dan wat we spontaan zelf op onze netvliezen zouden toveren.

De Volkskrant had dit weekend veel Noord-Korea in de aanbieding. In het Boekenkatern schreef Hans Bouman een jubelende recensie over de roman 'Gestolen leven', de vertaling van 'The Orphan Master's Son' van de Amerikaanse schrijver Adam Johnson. Reuze benieuwd naar Johnson's boek.

Zeker indrukwekkend het lange en breed gebrachte verhaal 'Maar het volk is 'gelukkig' van Toine Heijmans over zijn bezoek aan de heilstaat die langzaam wat zuurstof toelaat, zeker in de hoofdstad Pyongyang dat als een echte flag store voor het NoordKoreaanse besturingsmodel staat, het uithangbord van het betere leven in een land als een 'tapijt van goud.'

Dat betere leven is een kookpotmodel van communisme en oude tradities, de Juche-filosofie, en daarin wordt eigen kracht enz elfstandigheid gekoesterd en het collectief boven het individu geplaatst. En natuurlijk is er in zo'n grote doctrine plaats voor De Grote Leider die alom en wijs en liefderijk is en waarbij uit het confucianisme het eren van de vader perfect is geleased.

Noord-Korea is natuurlijk een fantastisch land voor degenen in Pyongyang die een BMW X6 rijden en die het succes van het beheersmodel symboliseren. Zij geven het land meer allure, en daardoor hebben zij recht op meer. 'Animal Farm,' dus. Of, zoals de gids aan Heijmans uitlegt: "het is net als met mijn hand: niet alle vingers zijn even lang."

 
 
Raar vak, politiek. Dat wist Diederik Samsom al. Maar nu was hij hoofdonderwerp. Elke talkshow, elke krant had het over de 'vaandelvlucht' van de nieuwe PvdA-leider. Samsom had de boot en het momentum gemist, was arrogant, en had de PvdA enorme schade toegebracht. Dat was het verhaal, de 'spin', maar klopt het ook?

Het Wandelgangenakkoord van Jan Kees de Jager mag misschien een staaltje 'nieuwe' politiek lijken, maar veel belangrijker dan 'wie-met-wie' is natuurlijk wat het akkoord nu precies is en inhoudt. Onze jubel moet natuurlijk wel ergens over gaan. Of niet soms?

De vraag is dus: "Pierre, wat hebben ze gewonnen?" Of waren Sap en Slob en Pechtold verblind door hun eigen schaduw en geven ze zo VVD en vooral het CDA een unieke ontsnappingsroute uit een mislukt huwelijk met een naar achterneefje dat niet bleek te deugen.

Natuurlijk, zo voorspelbaar, de peilingen voor de PvdA kelderden. Samsom als gebeten hond. Er kon wel weer wat af. Maar wat maakt het uit? Morgen weer een relletje, en we plussen en minnen verder. Interessanter is hoe het verhaal richting 12 september gaat lopen. De PvdA van Samsom kan dan klip en klaar aantonen de vingers niet gebrand te hebben aan een wat opgeleukt regeer- en Catshuisakkoord.

Het is bizar om te zien hoe heel Nederland opveert bij een beetje meewind, terwijll niemand een begin van een idee heeft en produceert hoe het nu echt anders en beter zou moeten. "We hebben geen collectief geheugen," klaagde Max Pam tercht in het Parool. We vliegen van hype naar hype, en hopen maar dat iemand zorgt voor een 'bail out' uit zorgen en crisis.

Zo staat iedereen als een koe naar het onweer te kijken, en is Den Haag Vandaag toch echt nog precies hetzelfde als Den Haag Gisteren. Er is geen nieuwe politiek, er is slechts gewisseld, en vele hanen kraaiden herhaaldelijk. Zelfs (of juist) Sybrand van Haersma Buma presenteerde zich als nieuwe politiek, schaamteloos zoals alleen een echte CDA'er dat kan.

 
 
Onder druk wordt alles vloeibaar. Politici die over hun eigen schaduw heen springen. Het Wandelgangenakkoord. Er gebeuren rare dingen in Den Haag. Volkomen 'out of the blue' en 'out of the box', net alsof iedereen zich bevrijd voelt van de donkere wolk van de Grote Gedoger. 

Het is fascinerend hoe oude en nieuwe politiek elkaar in enkele dagen opvolgen. Zo zitten CDA en VVD nog met de PVV gevangen in het Catshuis, en zo zit er een Kunduzcoalitie het huishoudboekje voor Brussel op orde te schrijven. Nieuwe vrienden, nieuwe helden. Het kan verkeren. Wat u zegt.

Opeens is er het extreme midden. Opeens is Wilders weggetoverd. En opeens is Diederik Samsom niet meer de 'new kid in town' maar de baas die zijn eerste zware averij oploopt. Het wordt hem - ook door de eigen achterban - zwaar aangerekend dat hij het 'momentum' niet zag en greep, dat hij niet zag dat alles vloeibaar werd, en dat hij het partijbelang boven het landsbelang stelde. 

Als je wint, dan heb je vrienden, en als je mist dan sta je met je mond vol tanden. Jan Kees de Jager is nu de grote held van het moment en krijgt straks als het braafste boekhoudertje van de klas Brussels' lof. Zo hard kan het dus gaan. En zo nodig vinden 'we' dus kennelijk dat er in deze moeilijke tijd iets gebeurt, dat politici dus inderdaad over hun eigen schaduw heenstappen, wat dat ook moge betekenen.

Pijnlijker voor Samsom werd het nog door Lodewijk Asscher die vanuit standplaats Amsterdam liet optekenen dat hij als schatbewaarder van de stad best blij was mit dit akkoord dat veel sociale ellende terug kan draaien. En dan hebben we het in de culturele hoofdstad nog niet eens over de heilzame verlaging van de BTW op theater- en concertkaartjes.  

Nederland is bevrijd. En dat al ruim een week voor 5 mei. Andere tijden dienen zich aan. En de verkiezingen van 12 september werpen hun lange schaduwen vooruit. Misschien is de nieuwe regering nu de facto al gevormd. En krijgen PVV en PvdA de zwarte pieten voor het verkwanselen van het landsbelang. De messen zijn pas voor 3% geslepen...

 
 
Gisteravond was het weer zover. Toen strafschoppen dan maar de beslissing moesten gaan brengen na 210 minuten voetbal, sprak de NOS-verslaggever over 'een loterij'. Alsof die zwaar overbetaalde en hypergetalenteerde toppers van Real Madrid en Bayern München hun onderlinge duels niet allang 'normaal' hadden kunnen beslissen.

Vroeger werd er een muntje opgegooid, penalty's lijkt me dan al een enorme vooruitgang, en het is ook zeker geen loterij. Het is gewoon een discipline uit het voetbalspel die je moet beheersen, en dat geldt zowel voor speler als keeper. Je kunt erop trainen, je kunt er op (af)studeren, het is zelfs een mooie kunst om het goed te doen, zowel het nemen en scoren als het stoppen.

Gisteren stonden de doelmannen van Real en Bayern tegenover elkaar. Casillas en Neuer. Niet geheel toevallig ook de doelverdedigers van hun nationale teams. Op hun schouders de drang en druk om toch in ieder geval vroeg in de reeks één van de vijf strafschoppen te stoppen. Neuer werd de held. Hij stopte de eerste twee - vrijwel identieke - strafschoppen, en werd de 'held van Bernabeau'.

Het is een volkswijsheid dat een goede penalty 'niet te stoppen is.' Gisteravond in Madrid bleek het tegendeel. Het leek wel lastig om er een door te laten. De keepers regeerden, en dat tot mijn grote genoegen. Zij mochten de zinderende duels tussen de twee grote kemphanen gisteren beslissen, en dat is een keeper op het lijf geschreven, want daar wacht het eenzaamste én mooiste moment.

Het is dan ook niet 'De angst van de doelman voor de strafschop', maar veeleer de angst van de schutter om te schutteren. Iedereen rekent er immers op dat een penalty een goal is, en dus is de keeper enorm in het psychologische voordeel. De voetballer heeft veel te verliezen, de keeper veel te winnen, zo bleek gisteravond ook maar weer eens.

Ooit was er het boekje van Jan Reker, de PSV-trainer die voor zijn goalies noteerde wie bij de tegenstanders de strafschoppen nam en hoe en waar. Zelf mocht ik op latere doelmanleeftijd van een trainer leren hoe je met een grote mate van waasrchijnlijkheid kunt zien in welke hoek een speler gaat schieten.

En als je dat weet, dan ben je al een heel eind. Dan hoef je niet meer te gokken op een hoek - 50% kans - maar kun je dat percentage flink opkrikken, zo rond de 75%, schat ik. Dan ligt het er alleen nog maar net aan hoe zuiver, strak en hard de penalty genomen wordt. De stress om te scoren jaagt menig bal het stadion uit, de adrenaline om de penalty te stoppen, maakt heden als Neuer. Het was voor keepers een hele mooie avond te Madrid.

 
 
Naarmate je ouder wordt, lijken lijntjes steeds meer bij elkaar te komen. Ervaring, inzicht, overzicht, doorzicht en wat al niet lijken iets van structuur en systematiek te bieden aan dat wat je ook allemaal stom toeval mag noemen.

Zo komt opeens Leonard Cohen in mijn leven gewandeld. De Canadees-New Yorkse bard op hoge leeftijd komt in augustus twee concerten geven in het Olympisch Stadion van Amsterdam waar ik nu tijdelijk werk. Dat stadion van Jan Wils dat in een jaar met vooral publiek geld uit de grond werd gestampt voor de Spelen van 1928, daarna bijna gesloopt, en nu fier een mooi nieuw leven leidt. 

Leonard Cohen is voor mij altijd verbonden geweest aan mijn vader. Niet omdat zij bijna leeftijdgenoten waren. Mijn vader was zes toen Cohen in 1934 in Montréal werd geboren. En toen ik nog jong was en thuis woonde, had mijn vader in zijn indrukwekkende LP-collectie ook een labum van Cohen, 'Songs of Love and Hate.'

Ik had niet zoveel met die bromstem en die wat minimalistische backing, maar ik kwam er achter dat Cohen - bij de meisjes zeker - wel degelijk goed lag, en zo kwam ik het op snode idee de LP van mijn vader stilletje achterover te drukken en met een schoolvriendje te ruilen voor een stapeltje vieze boekjes waarin vrouwen van alles lieten zien en deden. Vuurrode oortjes. Je zou er bijna een liedje van kunnen maken. 'Various Positions', of zo.

Natuurlijk miste op een goede of kwade dag mijn vader de LP van Cohen. Ik wist natuurlijk van niets. Ik jokte. Ik loog. Ik gaf niet toe, nooit gezien en geen idee. Mijn vader wist dat ik loog, hij zag het gewoon, maar hij had geen wettelijk en overtuigend bewijs, dus ik was 'off the hook'.
 
Er is nooit aangifte gedaan, en zo toch wel: het is verjaard, maar ik ben het niet vergeten, deze cultuurroof uit mijn ouderlijk huis zo begin jaren '70. Heb ik spijt? Ach, wat maakt het uit. Ik heb net als zo heel veel andere kinderen in die jonge jaren het een en ander achterover gedrukt, maar ben er ook weer keurig mee gestopt. Eens een dief, nooit meer een dief.

Maar ik had het nu natuurlijk wel ultiem goed kunnen maken met mijn vader. Door hem mee te nemen naar het Olympisch Stadion, naar Leonard Cohen, na 'the minor fall' toch alsnog 'the major lift.' Love and hate. Zwart en wit. Maar mijn vader is niet meer. Hij zou nu 86 jaar oud zijn, twee jaar ouder dan het Olympisch Stadion. Niet alle lijntjes komen samen, hoe graag je het misschien ook zou willen.

 
 
Het had zo mooi kunnen zijn. Het was de politieke natte droom van VVD en CDA. Die Wilders moest worden gestopt, en dat zou het beste kunnen door hem aan te haken bij het kabinet. Dat zou hem wel leren. Dat zou hem klein krijgen. Zijn handen zouden net zo vuil worden. En daarmee was Wilders dan net als de rest.

Het is cynische machtspolitiek. En het blijkt ook nog eens averechts te werken. Wilders maakte geen vuile handen, maar hield juist grote afstand van alles wat hem niet zinde, en dat is nogal wat. En de coalitiepartijen stonden erbij als de bekende konijnen in de koplamp.

Niet Geert Wilders maakte vuile handen, maar Mark Rutte. De te goedlachse premier werd elke dag meer die boer met heftige kiespijn en hij moest van Grote Geert telkens meer slikken dan hem lief was. Het gedogen gaf Wilders grotere macht dan als kabinetspartner. Een enorme inschattingsfout van Rutte, Donner en Verhagen.

Eigen schuld, hele dikke bult. En nu is het dus geklapt. Want Wilders wil natuurlijk niet de verantwoordelijkheid die hij wel zou moeten nemen en delen, want dan wordt hij net zo als de rest, en daar trapt hij dus niet in. Hij houdt zijn rug recht. Zo is het maar net.
 
Het venijn en de gal waarmee hij nu door zijn liberale en christen-democratische vrienden wordt uitgekotst, zegt veel - zo niet alles - over het brandend maagzuur dat VVD en CDA  hebben van hun fatale misrekening met de PVV. Maar dat is hun probleem. Ik hoop dat de blaren branden. Lekker even doorliggen, om ook te weten hoe dát voelt.

Want de rest van Nederland viert toch een beetje feest. Opgedoogd staat netjes. De hitsers, de splitsers de frauders en de brievenbuspissers hebben het niet meer voor het zeggen. Maar misschien maken ze binnenkort wel weer een bijzondere uitslag bij de verkiezingen.

Maar ik maak me sterk dat er weinig partijen staan te dringen om de PVV binnen te halen of te laten gedogen. Dat is dan misschien de enige winst van twee jaar staatkundig experiment met nare verschijnselen en dodelijke afloop. Dit nooit weer. Dat leergeld is betaald. Met dank aan Geert Wilders. Dat dan weer wel.

 
 
'Opdat wij niet vergeten' is de opdracht aan ons allen om de gruwelen en de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog levend te houden. Daarom heeft de Nicolaas Maesschool waar onze dochters zaten en zitten het Ravensbrückmonument op het Museumplein geadopteerd, en jaarlijks komen daar zevende groepers om te luisteren, gedichten te lezen, en bloemen te leggen.

De gruwelen van oorlogen zijn van alle tijden, en niemand wordt gespaard. Ook soldaten zijn - ook na de strijd - slachtoffer van bijvoorbeeld PTSD, post traumatic stress disorder. In het Vervolg van de Volkskrant gisteren een aangrijpende fotodocumentaire over de Amerikaanse soldaat Scott Ostrom en zijn kapotte leven na vier jaar verkenner in Irak.

We kenden de verhalen al van de Amerikaanse soldaten die in VietNam vochten en waar velen geestelijk gewond waren geraakt en het spoor in de burgermaatschappij niet meer terug konden vinden. Michael Cimino lichtte een tip van de duistere sluier in 'The Deer Hunter.'

En nu en veel te laat zou ik zomaar kunnen snappen waarom mijn vader anders dan wat kleine kiekjes nooit iets vertelde over zijn verblijf in Indië tijdens de politionele acties. Ook daar zijn vele gruwelen aangericht, en wat zag en wist hij daarvan?

Het kapotte leven van Scott Ostrom werd vastgelegd door fotograaf Craig Walker die er de Pulitzer-prijs voor fotografie voor kreeg. Het is een angstaanjagende en krachtig beeldverhaal van een man die niet weet hoe hij zijn leven moet leiden, die doodsbang is om te gaan slapen, die paniekaanvallen heeft, en eigenlijk alleen nog zijn hond Jibby heeft.

Jibby is als een dochter voor Ostrom. "She's really a happy dog," legt Ostrom uit, and keeping her happy really keeps me sane." Ostrom is in 'goed' en groot gezelschap, een leger veteranen dat getraumatiseerd en voor het leven is getekend en verscheurd.
 
En straks komen er nog tienduizenden terug uit Irak, weet Ostrom. Nog meer druk op hulp en voorzieningen, nog meer problemen en 'loose cannons.' Opdat wij niet vergeten dat een oorlog nooit voorbij gaat, is er dit prachtige fotodocument over Scott en Libby, een verstilde schreeuw om liefde en vrede.  

 


Copyright en privacy